Inloggen
Nog niet geregistreerd? Schrijf nu in
ECO-job

al ruim 25 jaar ECO-job! Specialist in Milieubanen

 

Een beter milieu begint bij ECO-job!

Contact
Snel zoeken
Bekijk alle vacatures

Tweede Kamer unaniem achter radicale wijziging waterveiligheidsnormen

Op 7 juli is de Tweede Kamer akkoord gegaan met een wetsvoorstel voor een radicale wijziging van de normering voor de primaire dijken. Het wetsvoorstel gaat uit van een minimaal overlijdensrisico als gevolg van een overstroming voor iedere Nederlander die achter een primaire dijk woont. Nergens mag de kans groter zijn dan eens in de 100.000 jaar dat iemand komt te overlijden door een overstroming. Omgerekend gaat het om een individueel basisveiligheidsrisico van 10-5 per jaar.

Nederland is het eerste land in de wereld dat voor de waterveiligheid op zo'n risicobenadering overstapt. Net als in andere landen zijn de huidige normen gebaseerd op een maatgevend waterpeil dat zich kan voordoen bij een extreme weersituatie. In Nederland verschilt dat momenteel per dijkring, oplopend van 1:1250 tot 1:10.000. In andere landen zoals Amerika, Engeland en Duitsland is de overschrijdingsnorm meestal gesteld op het waterpeil dat zich eens in de 100 jaar kan voordoen.

Het wetsvoorstel moet nog door de Eerste Kamer worden goedgekeurd en zal naar verwachting op 1 januari 2017 in werking treden. In 2050 moeten alle primaire dijken en keringen voldoende veiligheid bieden zodat wordt voldaan aan de nieuwe basis veiligheidsnorm van 10-5 (10 tot de macht -5) per jaar.

Risicoaansprakelijkheid

De Tweede Kamer ging unaniem akkoord met het wetsvoorstel. Alleen de PvdA, VVD en CDA fracties hebben de laatste versie van het wetsvoorstel nog met minister Schultz van Haegen besproken. Daarbij ging het vooral nog om de risicoaansprakelijkheid voor de beheerder van een waterkering. De kamer was bezorgd dat als het ergens misgaat, de torenhoge kosten bij één waterschap terecht kunnen komen. De kamer voelde daarom meer voor een nationale solidariteit.

Volgens minister Schultz is de wetswijziging op het punt van de risicoaansprakelijkheid vooral bedoeld om particulieren te vrijwaren met een opstal op een waterkering. In het geval van extreem grote schade hoeven de waterschappen niets te vrezen omdat er volgens haar al zo'n nationale solidariteit is in de vorm van de Wet tegemoetkoming schade bij rampen (Wts).

Schultz veronderstelde dat waterschappen en Rijkswaterstaat de primaire kering professioneel onderhouden en aan hun zorgplicht voldoen. Als de beheerders kunnen aantonen dat ze de boel goed op orde hadden, kan in zo'n geval de Wts van toepassing worden verklaard, aldus Schultz. Ze wees op de dijkdoorbraak bij Wilnis waar deze regeling toen is werking is getreden.
De Kamer trok het op dit punt aangekondigde amendement in en het hele wetsvoorstel is zonder wijzigingen aangenomen.

Eerste beoordelingsronde

De eerste beoordelingsronde van alle primaire dijken en keringen aan de hand van de nieuwe risiconormering zal plaatsvinden tussen 2017 en 2023. De Kamer toonde zich bezorgd over de haalbaarheid hiervan omdat het benodigde beoordelingsinstrumentarium en bijhorende automatisering nog ontbreekt. Volgens minister Schultz is het instrumentarium op 1 januari 2017 gereed, als de wetswijziging van kracht moet gaan. In 2019 komt er nog extra hulpmiddelen voor een meer gedetailleerde beoordeling van het traject, zo verwacht Schultz. Verder meldde ze dat er een ENW-toets komt van het Expertise Netwerk Waterveiligheid.

Volgens de minister kan in 2023 het eerste beoordelingsrapport naar de Kamer worden gestuurd. In 2023 start ook een nieuw Hoogwaterbeschermingsprogramma zodat de meest urgente dijktrajecten dan direct kunnen worden aangepakt.

De kosten van de invoering van de nieuwe normen tot 2028 zijn geraamd op 14 miljard euro

Normering per dijktraject

Op dit moment gelden er overschrijdingsnormen per dijkring. Die gaan door het wetsvoorstel vervangen worden door een maximaal toelaatbare overstromingskans. Daarin wordt ook meegenomen de kans dat een dijk faalt of dat zich zo'n extreem hoge waterstand voordoet dat de dijk niet hoog genoeg is.

In de nieuwe normering is geen sprake meer van dijkringen maar van zo'n 200 precies bescheven dijktrajecten en keringen. Voor ieder traject is een specifieke overschrijdingsnorm vastgesteld, variërend van 1:300 tot 1:1.000.000. De hoogten van de norm is afhankelijk van de specifieke risico's in het te beschermende achterliggende gebied en de kosten van versterking.

Bron: waterforum.net/

Share

Facebook Twitter LinkedIN Google Plus Share
ECO NOVA B.V. gebruikt cookies om bepaalde voorkeuren te onthouden en vacatures af te stemmen op je interesses.
Close